Bijgewerkt door PlanElektra (PlanTools) op .
Een elektrische kookplaat heeft een toegekende stroombaan. De concrete aansluiting volgt het aansluitdiagram van dat model én het werkelijke net. “Driefasig” op een typeplaatje betekent niet dat elk toestel op elk Belgisch driefasig net kan worden aangesloten.
Leg vast of de aansluiting 1×230 V, 2×230 V, 3×230 V of 3×400 V + N is. Controleer welke configuraties de fabrikant toestaat, of een nulgeleider nodig is, en hoe aansluitbruggen moeten worden geplaatst. Neem die informatie uit de documentatie; leid ze niet af uit een pictogram of een voorbeeldfoto.
Noteer de leidingdoorsnede, het aantal geleiders, het kabeltype, de lengte en de aanlegwijze. Stem de beveiliging af op de toegelaten stroombelastbaarheid, het toestel, spanningsval en kortsluitvoorwaarden. Een doorsnede en een automaatwaarde uit een algemene tabel zijn geen bewijs dat de combinatie op jouw traject volstaat.
De eerdere algemene uitspraak dat 3G2,5 mm² met een 20 A-automaat altijd verboden is, was onjuist. Ook de omgekeerde conclusie, dat die combinatie voor iedere kookplaat geschikt is, mag je niet trekken. Hetzelfde geldt voor een vaste curve C of een standaard driefasige kabel.
Documenteer de werkelijk toegepaste differentieelbescherming en haar geschiktheid voor de apparatuur en installatie. Controleer de beschermingsgeleider en aansluitwijze. Een vaste kookplaat krijgt niet uitsluitend op basis van haar symbool automatisch een bepaald differentieeltype of een gevoeligheid toegewezen.
Open of wijzig geen onder spanning staande aansluiting om ontbrekende gegevens te verzamelen. Laat onduidelijke bruggen, nettypen of leidinggegevens controleren door iemand die de installatie veilig kan beoordelen.
Gebruik de officiële AREI-publicatie van de FOD Economie en de fabrikantdocumentatie voor de beoordeling van jouw installatiedeel. Deze gids helpt je de gegevens verzamelen; een voorbeeld of appcontrole is geen bewijs van conformiteit.