Bijgewerkt door PlanElektra (PlanTools) op .
Voor huishoudelijke schema’s en plannen verwijst AREI Boek 1, 3.1.2.1, naar hoofdstuk 2.13 en tabel 2.23. Als de tabel voor een functie geen symbool bevat, mag een ander duidelijk identificeerbaar symbool worden gebruikt wanneer het in de legende wordt gedefinieerd. De onderstaande selectie is geen volledige weergave van die tabel.
Deze voorbeelden komen rechtstreeks uit de centrale AREI_SVG-bibliotheek van de app. Een symbool beschrijft een functie; labels, verbindingen en technische gegevens maken duidelijk hoe die functie in de werkelijke installatie is uitgevoerd.
| Symbool | Naam en gebruik |
|---|---|
| Symbool automaat Beveiliging: vermeld het werkelijke kaliber, polen, karakteristiek en kortsluitvermogen. | |
| Symbool differentieel Vermeld type, nominale stroom, gevoeligheid en de werkelijk beschermde stroombanen. | |
| Symbool elektriciteitsmeter Meter voor energieverbruik; geef de werkelijke plaats en functie aan. | |
| Symbool lichtpunt Een verlichtingspunt op het situatieplan. De kring en groepering moeten overeenkomen met het eendraadschema. | |
| Symbool schakelaar op het situatieplan Gebruik de situatievariant voor de fysieke plaats; verwar ze niet met het schakelcontact in een eendraadverbinding. | |
| Symbool enkelpolige schakelaar Beschrijft de schakelfunctie. Het schema is geen melding dat de schakelaar op dat moment aan staat. | |
| Symbool wisselschakelaar Gebruik deze functie waar de werkelijke schakeling een wisselcontact heeft. | |
| Symbool kruisschakelaar Een kruisschakelaar in de werkelijke lichtschakeling. | |
| Symbool stopcontact: geaarde, kinderveilige contactdoos op het situatieplan Gebruik de situatievariant en documenteer de werkelijke samenstelling en plaats. | |
| Symbool verdeelbord Identificeer het bord en gebruik dezelfde naam in alle documenten. | |
| Symbool aardingsvoorziening Het symbool documenteert de voorziening; het bewijst geen gemeten aardingsweerstand. | |
| Symbool motor Voeg de concrete functie en aansluitgegevens toe, bijvoorbeeld bij een motorsturing. | |
| Symbool PV-paneel De werkelijke panelen horen bij een gedocumenteerde string- en omvormeropbouw. | |
| Symbool laadpunt (laadvoorziening) Een laadpunt heeft eigen technische en beschermingsgegevens nodig. | |
| Symbool geprogrammeerde besturing De besturingsfunctie vraagt echte kanaal-, bus- en voedinggegevens. | |
| Symbool algemeen huishoudelijk toestel Gebruik een duidelijk toestellabel en de werkelijke aansluitgegevens wanneer een specifiek symbool ontbreekt. |
Een situatieplan toont de plaats van componenten. Het eendraadschema toont verbindingen en schakelfuncties. Gebruik bij contactdozen en schakelaars de passende variant voor dat document. De tekentool houdt de koppeling bij; controleer de werkelijke functie en kringreferentie. Lees ook het verschil tussen eendraadschema en situatieplan en wanneer je een wissel- of kruisschakelaar tekent.
Een automaat- of differentieelsymbool bepaalt niet automatisch het benodigde kaliber of type. PV, batterij, warmtepomp, laadpunt en domotica vragen aanvullende toestel-, leiding- en fabrikantgegevens. Controleer onbekende gegevens voordat je het dossier deelt. Zie ook de 30 mA-differentieel, laadpaal, warmtepomp en thuisbatterij op je schema en eendraadschema maken.
Gebruik de officiële AREI-publicatie van de FOD Economie en de fabrikantdocumentatie voor de beoordeling van jouw installatiedeel. Deze gids helpt je de gegevens verzamelen; een voorbeeld of appcontrole is geen bewijs van conformiteit.